Radiocolumn: Reacties op mijn columns

Beste luisteraars.

16 keer al mag ik voor streekradio Schagen mijn gedachten aan u voorlezen. Meestal ging het over de kust en ik ben zomaar bang dat er in dit patroon weinig zal veranderen. Vorige maand had ik het over Kees Stam de nieuwe hoofdverantwoordelijke voor onze dijken. Zijn sporen had hij in het buitenland verdiend maar als ik dan uit de media verneem dat Waterschapskennis in het buitenland meestal weggegooid geld is omdat er geen onderhoud ingecalculeerd is geeft dat weer te denken. Als er dan ook nog een ramp gebeurt met een door Nederlanders gebouwde dam mag u mijn gedachten verder invullen. Ik ben gewend, als ik het over iemand heb of personen aanhaal in mijn maandelijkse proza, om die betrokkenen dan een afschrift van mijn verhaal te sturen. Vooruit weten zij dus dat ik hun naam de ether van Noord-Holland in ga slingeren. Zo had ik in mijn vorige column o.a. de Waddenvereniging aangehaald. Dit omdat daar een zandspecialiste werkte die ons uitleg heeft gegeven over de zandstromingen langs de kust. Deze verduidelijking, over verstoring van de getijdenstroming, kregen wij tijdens een inspraakbijeenkomst over de zwakke schakels in de Vijverhut van Groote Keeten. Mijn dorpsgenoot Klaas Stins, die zijn brood o.a. probeert te verdienen met vissen, had voor dit contact gezorgd. Anky Woudstra van de Waddenvereniging liet mij weten dat ik hun naam en die uitleg uit mijn verhaal moest schrappen want zij waren een andere mening toegedaan. Kortom, ik zou hen onjuist citeren. Ik heb deze lieftallige dame van de Waddenvereniging gemaild dat ik heel tevreden was met haar bericht. Niet dat ik er aan toe zou geven maar ik wist niet dat men bij deze natuurclub ook berichten kon beantwoorden.

Zelf ben ik al jaren lid van de Waddenorganisatie en heb een aantal malen getracht om helderheid te krijgen over de biodiversiteit van de aanwezige diersoorten op hun werkterrein. Ook vroeg ik naar het probleem van verschraling of verzanding van het waddengebied tussen Den Helder en Wieringen welke mij door een bewoner van de waddenkust ingefluisterd was. Een antwoord, op deze vragen, heb ik nimmer mogen ontvangen en ik denk er daarom ook sterk over om mijn lidmaatschap van deze vriendenclub op te zeggen. Natuurlijk heb ik Anky keurig geantwoord maar verder is de discussie met de Waddenvereniging niet gegaan. Wel ben ik in contact met het NIOZ op Texel. Doctor Boon, directeur van dit Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek schreef mij dat prof. Herman Ridderinkhof, hoogleraar in het slib transport, niet op de hoogte is van artikelen over de achteruitgang van de biodiversiteit en enige verzanding van dit waddengebied. Professor Ridderinkhof betitelde deze vraagstelling als anekdotische waarnemingen. Ik heb directeur Boon van het NIOZ meegedeeld dat ik teleurgesteld was in de parate kennis van professor Ridderinkhof en hoop dat er eerdaags een artikel van deze hoogleraar slibtransport, over de verzanding van het Wad, in de media zal verschijnen. Genoeg nu luisteraars naar aanleiding van mijn vorige column. Waar zal ik het dit keer weer eens over hebben. Simpel toch! Wethouder Piet Morsch van gemeente Zijpe vraagt aan Rijkswaterstaat om meer zand op het strand. De strandbreedte schijnt weer eens hier en daar onvoldoende te worden voor de recreatieondernemers en hun klanten. Maar beste toehoorders waarom vraagt hij dat nu aan Rijkswaterstaat en niet aan Hoogheemraadschap? Een opmerkzame luisteraar weet natuurlijk dat je, met zulke belangrijke vragen, bij de grote baas moet aankloppen. Wethouder Morsch zou dit probleem dus eigenlijk in Den Haag moeten aankaarten zodat een minister of staatssecretaris Rijkswaterstaat of Hoogheemraad opdracht kan geven om het strand van Zijpe aan te passen voor de recreatiebehoefte. Luisteraars hier kom je weer bij de kern van de vraag: wie is er nu verantwoordelijk voor het strand. Piet Morsch als wethouder vertolkt enkel de vraag van de recreatieondernemers het VVV en de recreanten. Noorderkwartier is enkel verantwoordelijk voor een goede sterke waterkering en Rijkswaterstaat heeft enkel de taak om de zandvoorraad langs onze kust op peil te houden.

Maar zult u zich afvragen wie moet deze bureaucratische schakels nu verbinden. Ik geloof dat de democratie in dit mooie land op dit vlak nog niet helemaal gestroomlijnd verloopt. We hebben professoren, doctoren, hoogleraren, ingenieurs, adviseurs, aio’s, en studenten die dit ook willen worden maar deze simpele vragen zijn door hen niet te koppelen? Moet het antwoord komen van een econoom, een bioloog, een ecoloog, een wiskundige, een natuurkundige of misschien wel van een scheikundige. Waarom doen al deze instanties een beroep op inspraak van de burger terwijl ze er zelf voor opgeleid zijn? Moet Jan met de Pet of Piet van Noort zeggen wat deze geleerde heren wel of niet dienen te doen of te weten? Kustverdediging is al jaren onderwerp van gesprek maar wie van de leidinggevende zegt nu eens hoe we dit probleem, natuur-vriendelijk ecologisch en maatschappelijk verantwoord, op gaan lossen? Wetende dat er nog genoeg columns met stof over deze materie zijn te vullen dank ik u voor uw aandacht.            

Delen is leuk
Je leest een bericht uit het rijke archief van Noordkop Centraal



Reageer op dit artikel
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef hier jouw reactie: