Een goede zaak

Ja, dat is het Willem, zo sprak mij een kennis tijdens een verjaarspartijtje. Het ging over de mogelijke opdeling van de kunstcollectie van voormalig bankbaas Scheringa, en dat het net goed was dat zo’n omhooggevallen belastingconsulent weer goed op zijn plaats gezet werd. Wat is het toch een bijzonder verschijnsel tijdens dit soort gelegenheden altijd maar weer mensen te ontmoeten die je exact kunnen vertellen hoe de wereld in elkaar zit of in ieder geval zou moeten zitten.

Ik probeerde de stelling nog iets te nuanceren. Stel dat voormelde verzamelaar niet failliet zou zijn gegaan en dat museum er over pakweg vijfenzeventig jaar nog had gestaan met een waarschijnlijk nog uitgebreidere collectie in bezit. Dan zou het zomaar kunnen dat de man zou worden geprezen om zijn initiatief en durf om zoiets op en in te richten op het Westfriese platteland, een gebied wat toch niet bepaald als kunstminnend te boek staat. Begrijpt U mij niet verkeerd, ik heb niets met types als Scheringa, net zomin als ik iets heb met tophypotheken, koopsompolissen, woonbeschermingsverzekeringen, het woord alleen al, en meer van dat soort gebakken lucht artikelen. Ik probeerde voornoemde kennis nog te overtuigen met de historie van het inmiddels internationaal bekende Kröller- Muller. Een in mijn ogen fantastisch vergelijk.

De handel en wandel van mijnheer in de eerste wereldoorlog, ja daar is hij alweer, en de hobby van zijn vrouw. De stevige conflicten tussen architect Berlage en zijn opdrachtgever, zowel bouwtechnisch als sociaal-politiek. Alleen de dienstwoning kwam gereed, voor toen zeker, wat wij nu zo mooi noemen, megalomaan gebouw, heden bekend als het monument jachtslot Hubertus. Van het nieuwe museum kwam het niet meer, de crisis, jawel, in het interbellum had genadeloos toegeslagen en thans resten er in het Veluwse zand alleen nog een paar betonbrokken als relikwie uit vervlogen tijden. Dan is aannemer Midred te Spanbroek toch nog een stuk verder gekomen. En de tijd zal leren hoe de geschiedschrijving omgaat met dat gebouw aangezien het onwaarschijnlijk is dat het nu maar weer zal worden afgebroken. Ik hoef U er als luisteraar van dit op niveau opererende radiostation er waarschijnlijk niet op te wijzen dat belangrijke, van origine particuliere, kunstcollecties waar ook ter wereld, betaald zijn met geld dat over het algemeen niet verdiend is door bijvoorbeeld veertig jaar op de metselsteiger te staan, als U begrijpt wat ik bedoel. Heiligt het doel dan steeds de middelen, zult U zeggen. Nee, ik vind zeer zeker van niet, maar aan de realiteit kan ik niets veranderen. Vandaar ook dat die naam, museum voor realisme mij altijd zo heerlijk dubbelzinnig in de oren klonk. Nog meer goede zaken. Die avond van dat partijtje waarvan ik repte was nog niet ten einde en het ging nu over het prachtige medium Internet en de wijze waarop dat interactief is, dat wil zeggen dat lezers hun commentaar bij een of ander bericht kunnen plaatsen. Volgens enkele aanwezigen was dat de ultieme vrijheid van meningsuiting. Ik kreeg meteen een pop-up van de baas van ons lokale nieuwsmedium ‘Schagen vandaag”. Ik ken deze man als integer journalist en kan mij niet aan het idee onttrekken dat hij bij het lezen van al die reacties op de nieuwsfeiten dit af en toe tenenkrommend moet aanzien. Hoe het met U zit dat weet ik natuurlijk niet, maar ik vind het in veel gevallen ten hemel schreiend.

Figuren, die te schijterig zijn om hun eigen naam te vermelden, de meest aperte onzin uitkramen, dikwijls volledig uit de lucht gegrepen, niet ter zake doende, beledigend ook vaak en nagenoeg nooit voorzien van een aanvaardbaar alternatief. Jij was toch altijd zo’n fan van die Theo van Gogh, kreeg ik als opmerking, die zij ook altijd wat hij er van vond. Weer een misverstand, maar U kent dat wel op van die avondjes, met het doorkomen van de rondjes drank verdampt het gevoel voor nuance bij de aanwezigen in progressief tempo als de spreekwoordelijke sneeuw voor de zon. Van Gogh, altijd in de rol van verbale proleet, dat is niet echt mijn ding. Maar toch, je weet dat zulke figuren in de historie altijd een rol hebben gespeeld. Welke dat ook zijn mag. Nee, geen fan, wel geïntrigeerd, die hele performance, die ondeugende, al dan niet doorlopen oogjes in die dikke kop om zich heen kijkend hoe of men de kast op zou vliegen als hij weer eens één of andere rot opmerking maakte om de goegemeente te provoceren. Van de week was die dikkop nog in een of ander programma, ik kwam er net even langs. Als of het zo moest zijn citeerde hij juist op dat moment in vrije vertaling een quote van filosoof Voltaire. Ik ben het zeer met U oneens, maar zal tot het laatst blijven strijden om U in gelegenheid te stellen Uw mening te verkondigen. Of die beste Voltaire voornoemde uitspraak ook aan het papier toevertrouwd had indien hij van Gogh live had ontmoet dat weten wij natuurlijk niet, maar ik blijf het iets moois vinden. Van de week had ik ruim tweehonderd schoolkinderen op visite in ons museum Slag van de Somme 1914-1918. Dat was weer een hele happening. Wij vinden het goed dat jij dit doet, zo sprak mij een der begeleidende docenten. Dat was een fijne opmerking, en op tijd ook aangezien ik met mij latente puberallergie zo om en nabij leerling nummer 200 altijd in een lichte dip schiet. Wij hebben in de collectie een zogenaamd Gurkha mes, de zogenaamde Kukri.

Dat werd in WO 1 gebruikt door in Britse dienst zijnde troepen. Het afsnijden van de keel der tegenstanders werd door de Gurkha’s als een ritueel iets gezien. Nu heb ik naderhand bij dat mes een tekst geplaatst omdat met zo’n zelfde ding in 2004 Theo van Gogh zijn keel is doorgesneden door zijn moordenaar. Een leerling van een jaar of vijftien zag het geheel aan. Wie is Theo van Gogh meneer? Was de vraag, in tegenwoordige tijd. Dat was een controversiële filmmaker en columnist, antwoordde ik. O, kreeg ik als antwoord, maar 2004 dat is toch al wel vet lang geleden. Het was de laatste groep die middag, en dat was maar goed ook, dat wil zeggen goed voor mij want ik had het nu wel weer bekeken. En koele Amstel ging er na weer een hele dag ouwehoeren om een uur of vijf ’s middags wel in. Door de bierglasbodem heen keek ik met een vertekende blik over de Schager markt. Wat is het, en wat lijkt het te zijn, wat maakt het uit want voor je het weet is het vet lang geleden, als U dat maar goed in Uw oren knoopt.

Ik wens U een goed weekend.

Avatar foto
Je leest een bericht uit het rijke archief van Noordkop Centraal



Reageer op dit artikel
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef hier jouw reactie: