Column: Tikkie

Na een intensieve week toeren door eigen land ben ik nu noodgedwongen het rustig aan te doen. In mijn eerste column vertelde ik al dat ik aan het revalideren ben van een LongCovid. Dankzij een goed team van Lijf en Visie met vier therapeuten: ergo, fysio en mensendieck èn logopediste, leer ik om te gaan met de lichamelijke ongemakken en bouw ik aan een goed herstel. 

Eén van de belangrijkste dingen waar je mee te maken hebt om geen terugvallen te krijgen is ‘het niet over je grenzen gaan’. Vroegtijdig rust nemen en goed luisteren naar het lijf. Maar soms wil de geest òòk wat en ik snakte ernaar om erop uit te gaan met mijn lief, die vakantie had.

Dus wilde avonturen beleefd in België, Drenthe, Gelderland, Brabant en Friesland. Nou ja…wild.. ik moet ook niet overdrijven want zoveel kon ik nu ook weer niet. Na een kleine wandeling kon je me opvegen en met een rollator ben je alles behalve wild nietwaar? Maar we hebben veel indrukken opgedaan en vooral gekeken naar wat wèl kon in plaats van naar wat niet mogelijk was. Het was gewoon even heerlijk weg samen.

Ik ging ver over mijn grenzen. Heb de dagen door kunnen brengen door wilskracht, enthousiasme en een positieve instelling èn pijnstillers. Lang leve de molletjes! Ik wist dat ik veel teveel deed maar wat kon mij het bommen. Je leeft maar een keer nietwaar?

Toen we bij thuiskomst de prachtige kerktorens van Schagen weer zagen, was ik vooral dankbaar en opgetogen. Ik had het tóch maar geflikt met dat brakke lijf! De volgende dag viel het me allemaal best mee. Tja, ik voelde mijn spieren wat maar och als het hierbij bleef, niks te klagen. De dag erna echter betaalde ik de prijs. Spieren hadden er geen zin meer in en benen weigerden mijn lijf nog langer te tillen: een zogenoemde terugval. Dus plat op de bank en niks meer, het was niet anders.

Inmiddels dagen verder en hoognodig tijd voor een bezoekje aan de prachtig nieuwe gerenoveerde Vomar om de hoek. Hooguit 600 meter lopen als het niet minder is maar voor de zekerheid wèl met mijn vriendinnetje Bep op stap. Bep is mijn blommator, een opgepimpte vrolijk uitziende rollator met sierlijke kunstbloemen. Bep helpt mij om in balans te blijven als manlief niet mee is, anders waggel ik als een pinguïn over straat, hoogst ongemakkelijk en geen gezicht natuurlijk. Met een tergend langzaam tempo loop ik richting mijn buurtwinkel. “Hé, vakantiegangster, hoe gaat het nu?” Een vriendin die al mijn avonturen en foto’s op Facebook heeft gevolgd ziet me strompelen, maar gelukkig kijkt ze me stralend aan.

Ze kent mij en maakt een grapje over mijn slakkengang. “Je deed ook wel heel erg veel hè?! Maar je hebt wèl genoten, mooi hoor!” Na een kort luchtig praatje en wat grapjes zet ik mijn wandeling weer voort en na ongeveer een uur (nou ja, iets minder dan) bereik ik de winkel waar ik vóór de LongCovid nog geen 5 minuten over deed. Met Bep de winkel in en dat komt mooi uit, want ik kan steeds lekker op haar gaan zitten als ik aangesproken word. En dat gebeurt nogal eens. Sommige mensen weten niet zo goed wat ze moeten zeggen als ze me met Bep zien, anderen reageren enthousiast met een “Meid, wat zie je er fleurig uit zo!”

Bep scoort punten en dat was de bedoeling. Ik hoef geen zielige blikken omdat ik tijdelijk met zo’n ding loop. Na het pakken van het avondeten slenter ik naar de kassa. Altijd fijn om de spontane caissieres weer even te zien en een klein praatje met ze te maken. Bij het afrekenen weigert de pas. Hè, wat vervelend nou weer, contactloos betalen gaat even niet. Dan maar de pincode intoetsen. Lichtelijk paniek. Intimi kennen mij als chaoot en in het dagelijks leven kan het onthouden van een wachtwoord of code al best lastig zijn, maar nu met de LongCovid en de daarbij behorende Brainfrog is het helemáál een uitdaging. Piepppppp, pas wordt wederom geweigerd. Chips. Ligt gelukkig niet aan mij. Lieve caissière Chantal zegt dat de magneetstrip weigert. Tijd voor een nieuwe pas. Nou lekker dan.

“Meid, geen probleem”, zegt ze. “Ik stuur je wel even een tikkie, betaal ik het nu voor je.” Kijk dat is nu zo mooi aan boodschappen doen in je eigen buurtje. Oh wat hou ik van de Waldervaart! Echter, inmiddels heeft zich een hele rij achter de kassa gevoegd en een tikkie sturen kost tijd. Ik sta er met mijn Brainfrog ietwat apathisch bij en een oplettende dame voor mij neemt het over. “Ga jij maar verder met de klanten, mevrouw mag mij wel een tikkie geven.” Ze betaalt mijn boodschappen en samen zijn we nog bijna 10 minuten bezig omdat de verbinding met de banken niet vlekkeloos verloopt. Wat een hartverwarmende actie! Want daardoor hoef ik niet nóg een keer naar de winkel. Had ik ècht niet gered!

Op de terugweg, met mijn gevulde boodschappentasje, hangend aan Bep voel ik mij een gelukkig mens. In mijn ooghoek zie ik dat een autootje tergend langzaam gaat rijden. Raampje wordt opengedraaid en een stralend gezicht met een prachtige lach kijkt me aan. “Hey muts, dat schiet niet erg op hè? Kan je niet ff wat harder lopen?”, roept een prachtige blonde krullenbol me toe. In de winkel spraken we over de gevolgen van corona. Haar zwager was overleden en zij en haar zus hadden er ook mee te dealen. Heftige tijden achter de rug dus maar daardoor ook extra realiserend dat je alles uit het leven moet halen en dat humor zo belangrijk is.

“Muts! Ik loop al zo hard”, roep ik lachend naar haar. Zo werd een ritje supermarkt toch weer een gezellig avontuur. En die vrouw die mij een tikkie gaf? Die kreeg een extra tikkie van mij op haar schouder. Zulke mensen maken het leven namelijk mooier.

HENNY BAKKER

Sanne de Weger heeft de School voor de Journalistiek gevolgd. Na een aantal jaar op verschillende redacties te hebben gewerkt voelt Sanne zich sinds 2010 thuis op de redactie van Noordkop Centraal.



Reageer op dit artikel
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef hier jouw reactie: