Bestaat de Noordkop nog?

Welkom in dit roemrijke slot, u, die zich vanavond wilt buigen over de toekomst van de kop van Noord-Holland. Zeshonderd jaar geleden bouwde Willem van Beieren op deze historische plaats een kasteel, dat het vertrekpunt werd van vrede, ontwikkeling en welvaart voor Schagen en zijn ommeland. Vandaag tekenen sombere tijden zich af. Dorpen vrezen de leegloop, scholen de krimp, werknemers de bedelstaf, senioren hun oude dag. Onze kinderen vragen zich af hoe zij hier ooit een huis en een baan zullen vinden. Tuinders, bollenkwekers en boeren worden gegijzeld door milieuridders. Het midden- en kleinbedrijf maakt zich op voor een schrale toekomst. En de zeespiegel stijgt. De Noordkopper is terug bij af.

Op u, de beleidsmakers, heeft de Noordkopper zijn laatste hoop gevestigd. Heeft niet de overheid de grondwettelijke plicht op zich genomen te zorgen voor woningen, werk en welzijn? Wij weigeren te geloven dat deze onvervreemdbare rechten voor de Noordkopper niet zouden zijn weggelegd. Wij weigeren te geloven dat aan de schitterende einders van de Noordkop geen nieuwe welvaart gloort. En daarom kijken wij naar u. Het moment is nu. Nu is de tijd om de richting te wijzen. Nu is de tijd om besluiteloosheid te verwisselen voor daadkracht. Nu is de tijd om verdeeldheid om te zetten in eensgezindheid. Nu is de tijd om de weg te bereiden voor ieder die hier wil wonen en werken, oud en jong, ondernemers en onderzoekers, eigen volk en vreemdelingen. Allen zijn nodig. Dit zeg ik tot mijn medeburgers die zich tekort gedaan voelen, die naar anderen wijzen en hun eigen krachten en talenten zijn vergeten. Sta op. Vraag niet wat de Noordkop kan doen voor u. Vraag wat u kunt doen voor de Noordkop. Bedenk waar de Noordkopper vandaan komt. Wie de zee heeft bedwongen kan elke uitdaging aan.

Ondanks de vraagtekens van vandaag, houd ik vast aan mijn droom. Het is een droom, diep geworteld in de onverzettelijkheid waarmee onze voorouders dit gebied op de elementen hebben gewonnen. Ik heb een droom dat onze granen, onze groenten en onze vis de wereld zullen veroveren. Ik heb een droom, dat we onze ganzen niet zullen afschieten, maar zullen omscholen tot bewakers van onze industrieparken. Ik heb een droom dat in onze megastallen koeien, varkens, kippen en geiten humaan zullen leven en sterven en dat wij de geur van hun mest zullen opsnuiven met een aaaaah, hoe heerlijk is het buitenleven! Ik heb een droom, dat vanuit de toekomstige hogescholen van Enkhuizen en Harenkarspel een stroom van cum laude afgestudeerde zaad- en teeltwetenschappers over de globe zal uitwaaieren om een einde te maken aan honger en tekort. Ik heb een droom dat een waterkrachtcentrale in het Marsdiep Den Helder weer het aanzien zal geven waar het naar snakt. Ik heb een droom dat een in het ECN ontwikkelde zonnecel alle CO2-uitstoot, alle kernenergie en alle windturbines overbodig zal maken en de aarde zal redden van de vervuiling die haar voortbestaan bedreigt. Ik heb een droom dat we de Oost-Europeanen, die op onze akkers en in onze kassen ons vuile werk opknappen, het respect en de waardering zullen geven die ze toekomt. Ik heb een droom van tienduizenden Chinezen, fietsend over de Omringdijk, twitterend met thuis over hun vakantie in onze Noordkop, de weidsheid van onze vergezichten, ons bonte vee in de lage ochtendnevel, de warme streling van de zomerwind en de geur van ons hooi, de bekoring van onze kusten, de kleurenpracht van onze bollenvelden en de wonderen van onze waterhuishouding. Ik heb een droom, mevrouw Post, dat ik op een dag het kruispunt N241/Haringhuizerweg zal kunnen oversteken zonder voor mijn leven te hoeven vrezen.

Dat zijn mijn dromen en in het vertrouwen dat we ze kunnen waarmaken deel ik ze met u. In dat vertrouwen kunnen we uit onze berg van twijfel een monument van hoop bouwen. In dat vertrouwen kunnen we uit de wanklanken van ons gekissebis een symfonie van samenwerking doen opklinken. In dat vertrouwen kunnen we boven onszelf uitstijgen en meewerken in plaats van tegenwerken, ontmoeten in plaats van ontmoedigen, uitnodigen in plaats van uitsluiten. En die dag zal aanbreken. De dag zal aanbreken waarop alle Noordkoppers, jong en oud, autochtoon en allochtoon, een nieuwe inhoud geven aan Noord-Holland’s volkslied:

Noord-Holland, ik houd van het groen in je wei,
Het zwart-wit en rood van je koeien.
Je velden vol molens versieren de Mei
Wanneer alle bollen gaan bloeien.
Het zilveren licht kleurt de lucht op het land.
En zilt komt de zeelucht gewaaid aan je strand.
Om ’t wit van je wolken in ’t hemelse blauw:
Noord-Holland, ons Holland, hoe houd ik van jou!

Peter Groenveld


Publicatiedatum: 24 februari 2011
Categorie: Archief Column
Aantal views: 14
Avatar foto
Je leest een bericht uit het rijke archief van Noordkop Centraal



Reageer op dit artikel
0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef hier jouw reactie: